(Absolute) beginners: hoe vang je ze op? TPR!?

ToGlo
Auteur(s): Hanneke Pot

Hanneke Pot doet in het kader van het Lectoraat ontwikkelingsgericht onderwijs onderzoek naar effectieve didactieken en methodieken voor het aanleren van de allereerste woorden bij 'absolute beginners in de VVE', peuters en kleuters die bij aankomst in peuterspeelzaal of basisschool niet of nauwelijks Nederlands begrijpen of spreken.

(Absolute) beginners: hoe vang je ze op? TPR!?

Kinderen zijn ‘woordleersponzen’… Tweede- taalleerders die met weinig Nederlands (minder dan 1000 woorden in de passieve woordvoorraad), zo is de verwachting van veel leerkrachten,  zouden vanzelf nieuwe woorden op pikken uit de contexten in de rijke leeromgeving: uit een verhaal en gesprek, uit poppenspel, uit een liedje, uit het spel in de hoeken. Of toch niet? Nee, onderzoek binnen het Lectoraat Ontwikkelingsgericht Onderwijs doet vermoeden, dat kinderen die nog weinig Nederlands kennen geen woorden oppikken uit het gewone aanbod, hoe rijk ook. Het is een te grote stroom Nederlandse klanken en onbekende woorden. ‘Informatie- overload’.

Welke aanpak is dan het meest effectief? Eén van de didactieken voor beginnende tweede taal- leerder is TPR: Total Physical Response, een aanpak die loopt via fysieke handelingen. De kinderen leren de taal ‘al doende’. De leerkracht doet een handeling of beweging voor of laat een voorwerp zien en benoemt dat. Hij gebruikt daarbij geïsoleerde woorden of heel korte zinnen: De baby. Ik pak de baby. Ayla, pak de baby (maar). Geef de baby (maar) aan Emre .
De kinderen doen de handeling na met of zonder het voorwerp. Ze hoeven in het begin niets te zeggen, alleen de opdracht uit te voeren. Door combinaties van opdrachten en het opvoeren van de snelheid en tenslotte door kinderen ook te laten benoemen wordt het steeds ‘moeilijker’. Samira, pak de baby en leg de baby in de wieg onder de deken. Toch ervaren de kinderen taal leren zo niet als moeilijk, maar als een spel, als iets wat zij ook kunnen. Ze voelen zich competent.

In de workshop komen de deelnemers op allerlei manieren in de schoenen van een beginnende tweede taalleerder te staan. Aansluitend wordt de TPR- aanpak gedemonstreerd en het onderzoek gepresenteerd.

TPR als aanpak voor (absolute)  beginners in groep 1(!) op een OGO- school (!) is onderzocht op twee basisscholen in het Rotterdamse. Twee leerkrachten namen hun (absolute) beginners apart tijdens het thema ‘Baby’s’ en boden hen via TPR 120 woorden aan, bij wijze van pre- en re- teaching. De kinderen deden verder mee met alle activiteiten rond het thema. Het onderzoek betrof een experimentele groep van 6 kinderen, die TPR kregen en 6 kinderen die dat niet kregen. De kinderen en de leerkrachten hadden er zichtbaar plezier in. Niet alleen leerden deze kinderen  meer dan 80% van de doelwoorden, ze kenden die woorden zes weken na het afsluiten nog steeds en gebruikten de woorden spontaan in de grote kring en in de hoeken. De kinderen in de controlegroep hadden relatief minder woorden geleerd en onthielden ze ook minder goed. De TPR- kinderen maakten, ook op buitenstaanders, een zelfstandigere en emotioneel vrijere indruk dan ervoor.

Dat doet vermoeden dat TPR voor (absolute) beginners, zelfs in groep 1, een effectieve aanpak kan zijn die ook goed blijkt in te passen in ontwikkelingsgericht onderwijs. Meer onderzoek is nodig om deze conclusies algemeen geldend te maken en om na te gaan hoe lang TPR zou moeten worden ingezet.

Bestandsbijlages:


HandoutHannekePot11112009.pdf